09/03/2010

ARCHEOLOGIC EXCAVATIONS IN THE SETTING OF THE ANCIENT PRIORY OF GROENENDAEL (Dutch version)

Archeologische sonderingen op de site van de voormalige priorij van Groenendaal.

De bevindingen van de jaren 2002-2006


OMMURING VAN HET KLOOSTER: de "CLAUSURA"

a. Ten noorden van de Duboislaan werd op de hoek tussen noord en oost secties van de middeleeuwse clausura de basis van de twee posten van de oost poort  teruggevonden. De vondst van de zuidelijke post  gebeurde in 2002, die van de noord post in 2006. Beide vertonen karakteristieke hoekstenen, terwijl de basis van de zuidelijke post[1] nog een gedeelte van de ijzeren deurbeugel omvat. Het metselwerk van de posten en van de clausura is gekenmerkt door kalkvoeg, een parament van gehouwen stenen aan de buitenkant en een parament met 27-28cm lange bakstenen aan de binnenkant. Al deze elementen worden binnenkort gerestaureerd.

b. Op de hoek tussen de voormalige noord en west secties van de postmiddeleeuwse uitbreiding van de ommuring (waarschijnlijk na 1600) werd in 2004 de bakstenen basis van de ronde hoektoren blootgelegd samen met de nabij gelegen fundering van de westelijke muursectie en een steunbeer[2]. De helft van de torenbasis lag (en ligt nog...) onder het asfalt van de weg die de AMINAL gebouwen van het Arboretum scheidt. De vondst werd gedaan tijdens een noodopgraving naar aanleiding van het bouwen van een nieuwe loods voor de Houtvesterij Groenendaal. Merkwaardig is de vaststelling dat het metselwerk van de toren uit 25cm lange bakstenen bestaat en dat zanderig voeg werd gebruikt in de plaats van kalkvoeg. De overblijfsels werden getekend, gefotografeerd en met een laag zand bebedekt.

clausuratoren GD light

 

c.Tijdens meerdere oppervlakkige sonderingen langs het fietspad van de Duboislaan werd in 2006 het zuidelijk uiteinde van de west sectie gevonden. Het overblijfsel ligt aan de voet van het talud, meer bepaald op de plaats waar de rechte strook van de weg richting Ring met een zachte bocht naar links het achterste gedeelte het Kasteel van Groenendaal benadert. Het metselwerk bestaat hier ook uit 25cm lange bakstenen en zanderig voeg. Spijtig genoeg werd de fundering van de ronde toren, die volgens de oude iconografie daar moest gestaan hebben, niet terug gevonden.

Daarbij werden allerlei scherven uit de 18de eeuw gevonden in de voet van het talud, op enkele meters ten westen van het zuidelijk muuruiteinde: o.m. stukjes aardewerk, faience, steengoed en glas met als enig merkwaardige vondst een deels gebroken sierbord in Brusselse faience met een uitzonderlijk middeleeuws kasteelmotief, motief dat gelijkenissen met de Brusselse Hallepoort vertoont. Het bord, dat waarschijnlijk uit de 2de helft van de 18de eeuw dateert, werd gerestaureerd en is nu tentoongesteld in de zogenaamde Spaanse zaal van het Bosmuseum te Groenendaal.

assiette faïence de Bruxelles 18e s. fragments trouvée ds talus Château Gd 2004KAPITTELGEBOUW VAN HET KLOOSTERVIERKANT

In mei 2005 werd aan de noordrand van de weide, die de Keizer Karel vijver raakt, een zeer merkwaardige vondst gedaan. De ontdekking gebeurde toen men met mechanische middelen de extrados van de bakstenen gewelven blootlegde[3] in voorbereiding van herstellingswerken aan de zogezegde kelder van het afgebroken reftergebouw en aan de oude sectie van het aanpalend Ijse gewelf: een tamelijk grote bebouwde ruimte met noord zuidelijke richting kwam te voorschijn en het werd meteen duidelijk dat de zogezegde kelder van de noordelijke vleugel van het kloostervierkant in feite overeenstemde met de destijds afgezonderde vierde en laatste travee van grote zaal gelegen aan het noordelijke uit einde van het kapittelgebouw (oost vleugel van het kloostervierkant).

De zaal telt twee beuken en vier traveeën, geritmeerd door stenen zuilen en scheibogen die in uitzonderlijke bewaringstoestand verkeren. zuil zaall oostvleugel light

Deze grote ruimte komt overeen, volgens de standaard ruimte indeling, met het SCRIPTORIUM van een middeleeuws klooster. De zijmuren waren met kalkstenen opgebouwd en gans het metselwerk was met steenharde kalk gevoegd. Spijtig genoeg waren de bakstenen gewelven van de ontdekte traveeën bijna volledig ingestort en lag de vloer onder 2 meters puin en meer dan 30cm grondwater. Een sondering door het puin heeft een klein gedeelte van de oorspronkelijke stenen vloer te voorschijn gebracht.

Boven de intacte gewelven en zijmuren van de laatste travee werden ook muurresten van een postmiddeleeuwse bouwfase blootgelegd samen met schouwwangen en twee mangaten. Al deze bouwelementen bestonden uit lange bakstenen en zanderig voeg.

zaal oostvl. GD plattegrond light

Aanvullende onderzoeken ter plaatse en een opgraving ten zuiden van de zaal hebben twee doorgangen blootgelegd: een doorgang van de zaal naar het reftergebouw en een tweede van de aangrenzende kamer van het kapittelgebouw naar de kloostergang. De ene doorgang was nog gedeeltelijk open en voorzien van een stenen boog; de andere was volledig dichtgemetseld en haar boog afgebroken, waarschijnlijk tijdens een latere bouwfase. De hoogte van de bouwlaag meet 3 meter aan het noordelijk uiteinde langs het Ijsegewelf en 2 meter aan het laagste punt van de weide.

Volgens de gegevens van de steenhouwen techniek dateert de bouwfase van de oostelijke vleugel van de jaren 1430-1450 (F. Doperé), wat overeenstemt met de laatgotische periode en het bewind van Hertog Filips de Goede. Uit de historische bronnen kan men afleiden dat de overblijfsels van het kapittelgebouw belangrijke getuigen zijn van de reconstructie van het klooster, die na de grote brand van 1435 uitgevoerd werd, dank zij de financiële steun van de Hertog en de schenking van aflaten door Paus Eugenius IV[4]. Verder melden de bronnen nog dat in het jaar 1472 de kloostergebouwen door een overstroming geteisterd werden[5].

Na het volbrengen van de herstellingswerken aan de laatste travee van de middeleeuwse zaal en het oude Ijsegewelf werden de ontdekte resten van de zaal beschermd door betonnen platen en het geheel met een laag zand bedekt met het voornemen het kapittelgebouw van de Priorij van Groenendaal in de toekomst verder te onderzoeken, te restaureren en uiteindelijk in beperkte mate te ontsluiten. Dit project zou men kunnen koppelen met het archeologisch onderzoek, de restauratie en herbestemming van het resterend gedeelte van de voormalige priorijkerk, op de zuidelijke vleugel van het voormalig kloostervierkant.


1.aan het uiteinde van het klein gedeelte van de oostsectie dat nog overeind staat

2.de toren is duidelijk zichtbaar op het panoramisch gezicht op de priorij door W. Hollar, daterend van 1649. Hij is ook aangeduid op de topografische kaart van het Zoniënwoud door Ferraris (1770) en op een  kadasterplan van 1818 door landmeter Sablon betiteld "Expertise de Hoeylaert / Limite avec la Foret Royale de Soigne" (AR Anderlecht  I 573, nr 158)

3.werken uitgevoerd in opdracht van de Houtvesterij Groenendaal om deze winterverblijfplaats van verscheidene soorten vleermuizen te beveiligen.

4.M. Dyckmans: Obituaire du Monastère de Groenendael en Forêt de Soignes, Kon. Commissie voor geschiedenis, 1941.

5.A. Jansen, De Gebouwen en de Kunstwerken van de Priorij van Groenendaal, Ons Geestelijk Erfdeel, 1943.


Note additonnelle en français

Vestiges souterrains du monastère. Actuellement les seuls vestiges accessibles aux visiteurs accompagnés d'un guide autorisé sont constitués des anciennes voûtes du ruisseau Ijse (Isque) et sur sa rive droite des deux dernières travées également voûtées de la salle des chanoines. Des fouilles, effectuées en juin 2005, ont révélé que cette salle fait partie du bâtiment du Chapitre (aile est du carré du cloître) et compte 2 nefs et 4 travées limités par de belles colonnes en pierre blanche. Il s'agit vraisemblablement du Scriptorium du prieuré. L'étude de la taille des pierres (étude de F.Doperé) a montré que la construction du bâtiment remonte aux environs de 1450.

GD gewelf verlicht- winter 2009 light
Voûte de l'Ijse datant du 17e siècle. Dans le fond à droite soubassement en pierres calcaires d'un bâtiment plus ancien: "bruggebouw" ? (photo sans flash Y.Goffin)

19:24 Écrit par dr Yves Goffin dans Général | Lien permanent | Commentaires (0) |  Facebook |

Les commentaires sont fermés.